Iedere omgevingsmanager kent het dilemma. Er moeten werkzaamheden plaatsvinden, de hinder is onvermijdelijk en de omgeving wil vooral weten hoe groot de impact wordt. Maar wat als modellen voorspellen dat automobilisten tot twee uur in de file komen te staan als iedereen gewoon in de auto stapt?
Voor die uitdaging stond Rijkswaterstaat tijdens werkzaamheden aan de A2 tussen Het Vonderen en Kerensheide. Een belangrijk deel van de snelweg moest gedurende meerdere weekenden volledig worden afgesloten. Toch bleef de verwachte verkeerschaos uit. Sterker nog: tijdens één van de afsluitingen reed er gemiddeld 65 procent minder verkeer dan normaal. In de aflevering ‘De heilige koe in de stal’ van Omgevingsmanagement, de podcast vertelt omgevingsmanager Eric Eussen hoe dat lukte.
Eerst begrijpen wie er op de weg zit
De eerste stap was volgens Eric niet communiceren, maar onderzoeken. “We hebben eerst gekeken wie er eigenlijk in dat weekend op de weg zit,” vertelt hij. Uit herkomst-bestemmingsonderzoek bleek iets opvallends. Ongeveer 75 procent van het verkeer bestond uit regionale verplaatsingen. Mensen die familie bezochten, boodschappen deden of naar sportwedstrijden gingen.
Dat inzicht veranderde de communicatiestrategie. In plaats van een algemene boodschap kon Rijkswaterstaat heel gericht communiceren met specifieke doelgroepen.
Vertel niet wat mensen niet mogen doen
Een van de interessantste inzichten uit het gesprek gaat over gedragsverandering. Voor het eerst werkte Rijkswaterstaat samen met een bureau dat gespecialiseerd is in gedragsbeïnvloeding. Niet om mensen te verplichten thuis te blijven, maar om communicatieboodschappen slimmer in te richten. “Je moet niet zeggen: stap niet in de auto,” vertelt Eric. “Dan gaan mensen juist zeggen: ik laat wel zien dat het kan.”
In plaats daarvan werd gewerkt met wat hij omschrijft als geanticipeerde spijt. De campagne liet zien wat er gebeurt als je toch vertrekt: te laat komen op een sportwedstrijd, vaststaan in het verkeer of belangrijke afspraken missen. Tegelijkertijd werden alternatieven aangeboden. “Maak er een gezellige autovrije dag van,” was één van de boodschappen.
Iedereen moet het weten
De aanpak ging veel verder dan traditionele projectcommunicatie. Huishoudens in het gebied ontvingen een brief. Sportverenigingen werden benaderd. Werkgevers kregen informatie. Regionale media werden actief betrokken. Het doel was simpel. “Op het verjaardagsfeestje van je kleinkind moet iedereen weten dat de A2 afgesloten is.”
Volgens Eric ontstond daardoor een olievlekwerking. Kinderen hoorden het via hun sportclub, ouders via hun werkgever en grootouders via regionale media.
Het resultaat: geen files
De voorspellingen waren duidelijk. Zonder gedragsverandering zouden automobilisten tijdens de afsluiting tot twee uur vertraging kunnen oplopen. Dat gebeurde niet. Met behulp van verkeersdata werd achteraf vastgesteld dat er gemiddeld 65 procent minder verkeer reed. Op sommige locaties liep dat zelfs op tot 75 procent. “Er is geen enkele file geweest,” vertelt Eric. Voor een project van deze omvang is dat een opvallend resultaat.
Ook Extinction Rebellion hoort erbij
Opvallend is dat Eric communicatie niet beperkt tot weggebruikers. Tijdens het project zocht Rijkswaterstaat ook actief contact met Extinction Rebellion, dat zorgen had over natuurwaarden en het gebruik van secundaire bouwstoffen.
In plaats van de discussie uit de weg te gaan, koos Eric voor gesprekken. “Ga het gesprek aan,” adviseert hij andere omgevingsmanagers. “Probeer de zorgen die mensen hebben te ontrafelen en leg uit wat je doet.”
Dat leverde volgens hem geen volledige overeenstemming op, maar wel wederzijds begrip. “We hebben een agree to disagree-overeenkomst,” zegt hij. “Maar we gaan wel met respect met elkaar om.”
Openheid als strategie
Als er één rode draad door het gesprek loopt, dan is het openheid. Pers kreeg een rondleiding over het afgesloten werkvak. Basisschoolleerlingen mochten kennismaken met archeologisch onderzoek. Omwonenden konden zien wat er achter de schermen gebeurt voordat er überhaupt asfalt wordt gedraaid. “Wij hebben een open-keukenstrategie,” zegt Eric. “Kom kijken wat er allemaal voor nodig is.”
Volgens hem levert die aanpak meer op dan alleen begrip. Het zorgt ook voor trots, betrokkenheid en een positievere blik op het project.
Communicatie begint met nieuwsgierigheid
Goed omgevingsmanagement begint volgens Eric niet bij een communicatiemiddel of een campagne. Het begint met begrijpen welke omgeving je voor je hebt. “Begin rustig na te denken: in welke omgeving zit ik precies?” zegt hij. “Wat zijn de issues? Wat zijn de raakvlakken? En hoe moet ik die aanpakken?”
Benieuwd naar het hele verhaal van Eric Eussen in gesprek met Carlijn Bergshoeff? Luister aflevering 65 van Omgevingsmanagement de Podcast via je favoriete platform:
